Bidden voor Johnny
| Uitgegeven: | 14 juli 2011 08:04 |
| Laatst gewijzigd: | 14 juli 2011 11:29 |
Johnny Hoogerland was een Nederlandse wielrenner. Na een etappe die eindigde in het burchtstadje Saint-Flour probeerden ze van hem een clown te maken om wie ze konden lachen.
Johnny kwam uit Zeeland. Hij sprak met een accent, deed malle dingen in het peloton, was volstrekt eigenzinnig, knalde er altijd vol in, had een machtige jump en hij was soms zo gek als een deur.
Johnny paste prima in dat peloton. Johnny Hoogerland maakte het plezierig voor iedereen.
Johnny reed in 2011 in de eerste échte ‘gekke’ Tour de France. Hij was een paar keer als eerste op een bergje aangekomen en mocht de bergtrui om de schouders trekken. Hij grijnsde op het podium en zei ondeugend dat hij het liefst vijf zoenen van de rondemissen had willen hebben.
Hij straalde in de auto toen zijn ‘tweede papa’ Hilaire Van der Schueren het gaspedaal indrukte en ze wegschoten naar het hotel. Daar ging Johnny, en in Nederland werd hij de opening van de sportjournaals. Mooie prestatie van Johnny.
Poedelprijs
Ik dacht: de bolletjestrui, dat was in deze fase van de Tour een leuke poedelprijs. Dat was een beetje om te pesten. Een trui is een trui, voor een wielrenner. Binnen is binnen, winnen is winnen.
Dat veranderde toen ze een medekoploper van Johnny aanreden en hij dientengevolge met een snoekduik ‘salto gehoekt’ in het prikkeldraad belandde. Sneeën over zijn onderlichaam, toch de etappe uitgereden en overmand door emoties de finish bereikt. Knappe prestatie.
Hadden waarschijnlijk negen van de tien renners in zijn positie gedaan, niettemin een knappe prestatie. 33 hechtingen later en een nacht slapen verder stapte hij weer op de fiets. Maar de wereld was veranderd.
Hij was de opening van het Achtuurjournaal geworden, er keken 1,8 miljoen van zijn landgenoten naar een praatprogramma laat op de avond, om alles maar te kunnen weten wat er te weten viel, radio-dj’s zochten naar zijn nummer, zijn vriendin werd ‘platgebeld’.
Commotie
En ik interviewde zijn vader. Ik vroeg vader Cees, zittend op een bankje, wat hij van al die aandacht vond. “Prestatie voor sensatie”, zei Cees. Hij zag liever dat zijn zoon had gewonnen in plaats van deze vlucht in de hekken en alle commotie vandien.
Maar de beer was los. En ik denk: Johnny Hoogerland, de renner, laat hem niet sterven. Vermoord hem niet in jullie zucht de hype voor te zijn, te scoren, te lachen voor vijf minuten. Laat hem renner zijn.
Maar ja, het is als roepen in de woestijn, dat haalt ook niets uit. Het is tevergeefs, als boos worden op de wolken. Laat maar.
Prikkeldraad
Daar, op televisie, liep een jongen die zich jakhals laat noemen. Hij knipte een stuk van het prikkeldraad weg waarin Johnny gevangen had gelegen en buiten beeld wrikte hij een paal los en gaf dat aan Johnny, die ooit renner was.
De jongen - skahoedje op, shirt haast open tot de navel en een korte broek die Brigitte Bardot in 1963 heel goed gestaan zou hebben - zei: "Johnny is een held van Bijbelse proporties en zo’n held verdient een relikwie."
Het was een mooi verhaal. Je kon er symboliek in zien, je kon de mythe ook zoeken, je kon hem maken, je kon hem zelf fabriceren. Je kon hem met een fietspomp opblazen tot gigantische proporties, als een zeppelin.
Eendimensionaal verhaal
Maar ik wil niet net zo’n irritatie bij Johnny krijgen zoals ik ook altijd had bij Wim van Est en die Val en dat Horloge. Daar kon Van Est niets aan doen, maar het gebeurde wel. Altijd maar weer. De renner was geen sporter, de renner werd één enkel, eendimensionaal, verhaal.
Vroeger gebeurde dat vooral na de koers, na zijn loopbaan, nu al het liefst tijdens de koers. En dan het eigen opgepompte verhaal vervolgens zo lang mogelijk uitmelken.
Ik bid vanavond dat Johnny Hoogerland snel weer een renner mag zijn. Ik vrees alleen dat de gebeden onbeantwoord blijven. En in dat geval zit er maar een ding op: Johnny moet een etappe winnen, als eerste Nederlander sinds Pieter Weening in 2005.
Dan gaat het tenminste weer over een prestatie.
| © NUsport/Nando Boers |
|
|
|
Stel je vraag over dit onderwerp |
- Het nieuwste wielrennen
- Cadel - hêh-hêh - Evans
- Gelukkig, geen keukenschort met neptieten
- Het hek
- Sven ('die kerel') stap op de fiets!
- Sloompies, onderschat Contador nooit
- Eikel (deel 2) en de val van Lou-qui
- Eikel, je moet het maar willen zijn
- Harde crash van vrije geest
- Opgevreten met huid en haar
- Robert, Johnny en Denis: dat was de Tour
- Bidden voor Johnny
- Nee André, het staat TWEE-ÉÉN!
- Gesink was even zichzelf niet
- Waarom Gesink niet kón opgeven
- Gerechtigheid voor zwaar getroffen Movistar
- De wereld volgens Bau-qué!
- Voigt speelt graag met kloten van een ander
- Cavendish: de belangrijkste renner
- Johnny in Bretagne
- In Redon kwam het goed
- De spiegel van Contador
- Geel, slobberend t-shirt
- Ja, ja, aminozuren voor eigen gebruik
- De aanval van Robert Gesink
Uit de Tour
| Dries Roelvink in mijn hoofd | |
|
'De maandag na de Tour de France in Parijs behoorde tot de meest onwerkelijke van alle Tourdagen.' |
Uitgelicht
| Nando Boers | |
|
Nando Boers volgt namens NUsport de Tour de France op de voet. Middels dit blog deelt hij zijn dagelijkse belevenissen in La Grande Boucle. |
Deze week in het magazine:
| Editie 21 |
|
|
- Reportage Gregory van der Wiel |
Tourkenner
| Lars Boom | |
|
NUsport probeert de grootste Tourkenner van Nederland te ontdekken. Ook de kennis van de renners wordt getest. Vandaag: Lars Boom. |




