, Voor het laatste nieuws van elke sport

Een kabouter op een fiets

Uitgegeven: 24 mei 2011 09:13
Laatst gewijzigd: 24 mei 2011 09:14

Hihi. Haha. Giecheldegiechel. De rondemissen van de Giro konden hun lachen bijna niet inhouden. Ze moesten etappewinnaar José Rujano zoenen, maar ze hadden geen idee hoe. Op hun knieën zitten? Hakken uit en bukken? Of was een aai over zijn bol ook goed?

José Rujano is niet zomaar klein. José Rujano is een dwerg. Hij lijkt op Calimero: een donker kuikentje met een eihelm op zijn kop.

Volgens het officiële rondeboek van de Giro is hij 1,62 groot. Maar dat cijfer moet je met een korreltje zout nemen. Sommigen zeggen dat hij rekent in Colombiaanse centimeters (altijd een snufje meer). Anderen fluisteren dat José de spanwijdte van zijn flaporen heeft opgegeven. En er gaat zelfs een gerucht dat het een schrijffoutje is: niet 1,62, maar 1,26.

Grappen

Grappen over José Rujano doen het altijd goed in het peloton. Zeker in de derde week van de Giro, als alle andere gespreksonderwerpen al uitgekauwd zijn en het gemiddelde IQ met een puntje of vijftig gedaald is door al het monotone gestamp. Moppen tappen over José is als moppen tappen over domme blondjes: er zijn er zoveel dat het nooit verveelt.

Ooit heb ik zelf een flauwe grap met José uitgehaald. Het gebeurde jaren geleden, vlak voor de start van de koninginnenrit van de Tour de Langkawi. José wilde nog even snel zijn blaas legen en vroeg me of ik zijn fietsje wilde vasthouden. Dat wilde ik wel.

Kabouterfietsje

Toen hij weg was, besloot ik dat ik er ook wel een rondje op wilde fietsen. Voor de goede orde: José heeft een kabouterfietsje dat zo groot is als dat van mijn buurjongetje van vijf. Het zadel staat vrijwel direct op zijn achterwiel. Het frame is zo klein dat er geen bidon tussen de buizen past.

Erg ver kwam ik er niet mee. Toen ik mijn voeten op de trappers zette, zaten mijn knieën tegen mijn oren en mijn ellebogen in mijn nieren. Iedereen lachte, behalve José.

Een paar uur later had ik spijt als haren op mijn hoofd. José nam wraak door het hele peloton op een hoopje te rijden. Zodra de weg begon te stijgen, vertrok hij.

Hoe hij het voor elkaar kreeg de pedalen naar beneden te duwen met zijn minibeentjes was me een raadsel, maar hij reed minstens twee keer zo snel als ik. Ik weet nog wat ik dacht terwijl hij uit het zicht verdween: ik wou dat ik ook een kabouter was.

Eigenlijk is er niets grappigs aan José. Hij is de één-na-beste klimmer van deze Giro. Hij wint etappes. Hij doet mee om het podium. Hij is de enige die Alberto Contador onder zijn voeten durft te kietelen. Hij valt aan op iedere stijgende meter. Hij heeft minibeentjes, maar vooral een groot hart. En ballen van staal.

Calimero

Bergen, bergen en nog meer bergen: de laatste week van de Giro is gemaakt voor dwergen. Hoe meer kilo’s je mee moet sleuren, hoe harder je moet zwoegen.

Ik weet zeker dat er renners in het peloton rondrijden die stiekem wel een paar dagen kabouter willen zijn. Mannen als Jos van Emden of Rick Flens, die elke bergetappe hun ziel uit hun lijf moeten trappen om op tijd binnen te zijn.

Misschien dat zelfs Pieter Weening wel eens wenst dat hij een metertje kleiner zou zijn terwijl hij zijn sliertige lichaam tegen een muur op slingert en José in de verte weg ziet fladderen. Niks om te lachen. Niks Calimero. Het is eerder andersom.

Hij is klein en zij zijn groot – het is niet eerlijk.

© NUsport/Thijs Zonneveld
Reageer: Deel dit artikel via:

Mail/tip de redactie Foto bij dit bericht? Stuur hem op!
Zoek nieuws over dit onderwerp Afdrukken
Stel je vraag over dit onderwerp

nusport.nl is onderdeel van de Sanoma Media Netherlands groep
Andere sportsites van de Sanoma Media groep:
golf.nl - fiets.nl - hockey.nl - heldenmagazine.nl - zeilen.nl - procycling.nl - fietsactief.nl - dehoefslag.nl