, Voor het laatste nieuws van elke sport

Bang voor de Bijstandsman

Uitgegeven: 17 maart 2009 10:28
Laatst gewijzigd: 17 maart 2009 10:34

Vaste prik in een pre-olympisch seizoen: we worden bang. Bang voor Amerikanen, Noren, Canadezen en Duitsers. Bang voor buitenlanders die onze nationale sport willen pikken.

Paniek in het grootste schaatsland ter wereld. We kunnen weer verliezen. Dat was al even geleden. De laatste keer dat we zo op onze broek kregen is een jaar of vier terug, in de aanloop naar de Olympische Spelen van Turijn. Daar stonden ook plotsklaps schaatsers op die we in de seizoenen daarvoor nog achteruit rijdend klopten.

Raar wel. Die buitenlanders zijn in de jaren tussen de Spelen vaak in geen velden of wegen te bekennen. Niet zelden staan er bij wereldbekers, allroundtoernooien of afstandskampioenschappen drie Nederlanders op het erepodium. Dan is het alsof er geen schaatsers uit andere landen meedoen.

Open NK
Elke week een Open Nederlands Kampioenschap met de vertrouwde jongens en meisjes van oranje in de hoofdrollen. Verliezen is onmogelijk. Heerlijk. Als Erben niet wint, dan wint Jan wel. Of Simon. Of Stefan. Of Superman Sven. Of Renate, Ireen of Paulien. Schaatsen is geen echte sport. Alleen maar in Nederland. Als er toevallig een keer een buitenlander uithaalt, dan knikken we goedkeurend en zeggen dat het ‘goed voor de sport' is.

Duimpje omhoog als een verdwaalde Amerikaan de horde Nederlanders klopt. Goed zo vent. Win maar een keertje. Leuk voor zo'n jongen. Knap hoor. Kijk ‘m lachen. Ach gut. Van die overwinningspremie kan hij vast wel weer een week kale spaghetti eten. Echt heel goed voor de sport.

Pukkelventje
Maar nu. Potverdikkeme - Shani Davis wint veel te vaak. En als Davis niet wint, dan wint Denny Morrison wel. Of dat kleine Amerikaanse pukkelventje met die Italiaanse achternaam. En bij de vrouwen spelen we dit jaar ook al een bijrol. We winnen wel hier en daar heus nog wel wat, maar het lijken meer toevalstreffers. Geen structurele dominantie. Niet de overheersing waar we op rekenen.

Het is niet eerlijk. Wíj hebben schaatsen uitgevonden. Wíj hebben schaatsmiljonairs uitgevonden. Wíj zijn het enige volk dat überhaupt naar schaatsen kijkt. Wat denkt zo'n Davis wel niet? Of zo'n Marsicano? Of al die Canadezen? Dat ze onze sport kunnen jatten? Dat er bij hun thuis iemand zit te wachten op een wereld- of olympisch kampioen baantjeglijen?

Sablikova
Hoe doen ze het, al die buitenlanders? Hoe krijgen ze het voor elkaar om zich met ons te meten? Ons te verslaan? Wij hebben het geld, de historie, de kennis. Zij hebben niks. Moet je die kleine Tsjechische eens zien. Martina Sablikova heet ze. Meervoudig wereldkampioen, maar zo mager dat het zielig is. Geen centen voor hyperdeluxe krachttraining, geen centen voor hoogwaardige eiwitshakes, geen centen voor biefstuk op tafel.

Shani Davis: idem dito. Die wordt nota bene gesponsord door de Nederlandse uitkeringsinstantie. Winnen met een bijstandsalaris. Ongelofelijk. Onmogelijk. En natuurlijk weer op het moment dat de Olympische Spelen er aan komen. Het is alsof Bijstandsman het erom doet.

Superman Sven
We zijn bang. En niet zo'n beetje ook. Seizoenen lang verkneukelen we ons over het aantal gouden plakken dat we gaan scoren in Vancouver, maar zodra de Spelen van 2010 aan de horizon verschijnen, blinkt er plotseling minder goud dan ooit.

Het is dat Sven Kramer toevallig in Friesland is geboren, anders zouden we volgend jaar misschien wel overal naast grijpen. En zelfs het blazoen van Superman Sven begint al barstjes te vertonen. Jongens, jongens, we zijn bang. Billen bij elkaar. Zweet klotsend in de oksels. Het lijkt wel échte sport.

© NUsport/Thijs Zonneveld
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009