Jan Lambrichs was de eerste Nederlander die in de Tour de France een plek in de top 10 van het eindklassement behaalde. Als Tourdebutant werd hij 8e in 1939. Tourbaas Jacques Goddet was erg enthousiast over de 24-jarige Limburger. Hij zag in hem zelfs een potentiële Tourwinnaar.

De veelbelovende carrière van Lambrichs werd echter wreed onderbroken door de Tweede Wereldoorlog. Toen hij na de oorlog eindelijk zijn comeback kon maken in het internationale peloton, was het voormalige toptalent inmiddels dertig jaar.

In de Tour de France zou Lambrichs geen grote prestaties meer leveren. In 1947 en 1948 mocht hij niet starten in de Tour, omdat hij een conflict had met de toenmalige ploegleider van de Nederlandse Tourselectie, Joris van den Bergh.

Steenpuisten

Pas in 1949, op 34-jarige leeftijd, kon Lambrichs weer meedoen aan de Tour de France. Tijdens die ronde had hij veel last van steenpuisten, waardoor hij in de vijfde etappe moest opgeven. Daarna zou hij nooit deelnemen aan de Tour.

Dat Lambrichs in de naoorlogse jaren toch nog één van de beste ronderenners van Europa was, liet hij zien in de Ronde van Spanje van 1946. De sportjournalist Martin W. Duyzings volgde tijdens die Vuelta de Nederlandse ploeg op de voet.

In zijn boek ‘Onze Verslaggever Seint’ publiceerde Duyzings een opmerkelijk verhaal over de ontknoping van deze Vuelta.

Dreigbrief

Een dag voor het einde van de ronde stond Lambrichs tweede in het algemeen klassement. Die avond leverde een onbekende man een brief af bij de Nederlandse ploeg. De ploegleider opende de envelop.

Het was een dreigbrief: Lambrichs werd verzocht om tijdens de laatste etappe ‘zonder slag of stoot’ de tweede plek in het klassement op te geven. Anders zou hij ‘in een ziekenwagen in Madrid arriveren.’

De ploegleider nam toen het opvallende besluit om Lambrichs niets over deze brief te vertellen. Wel werden er maatregelen genomen om de renner te beschermen. Zonder dat Lambrichs het wist, zat de hele nacht een soigneur met een ijzeren staaf voor de deur van zijn hotelkamer.

Lijfwachten

Ook werd de politie ingeschakeld. "Jan Lambrichs moet het toch wel een beetje zonderling gevonden hebben, dat er in het eerste deel van die laatste etappe steeds twee politiemotoren op zijn hielen zaten, als een privé-lijfwacht."

In die slotetappe van de Vuelta moest het peloton de Alto de Navecerrada beklimmen. Tijdens deze beklimming van 17 kilometer trok Júlian Berrendero ten aanval. Niemand kon hem bijhouden. Berrendero won de slotetappe en nam de tweede plek in het algemeen klassement over van Lambrichs.

Blijkbaar was de anonieme auteur van de dreigbrief er echter van overtuigd dat Lambrichs zijn brief had gelezen en zich keurig aan de opdracht had gehouden om ‘zonder slag of stoot’ de tweede plek op te geven.

De volgende ochtend werd er in het hotel van de Nederlandse ploeg een kistje Cubaanse sigaren bezorgd ‘als dank’ van deze ‘señor die liever onbekend wenste te blijven’.

Door: NUsport/Rob de Haan

Deel en reageer

Net Binnen