Tabak, alcohol en topsport
| Uitgegeven: | 26 mei 2010 09:21 |
| Laatst gewijzigd: | 26 mei 2010 09:20 |
In zijn topjaren als wielrenner was het zijn vaste ritueel: ter ontspanning stond Gino Bartali elke ochtend aan de start van een Giro-etappe een sigaret te roken.
Bartali was niet de enige coureur die deze gewoonte had. Wanneer je verslagen van koersen uit vroeger tijden leest, kom je zeer regelmatig beschrijvingen tegen van renners die voor de start nog rustig stonden te paffen.
Zulke beschrijvingen laten duidelijk zien hoe totaal anders het imago van sigaretten een halve eeuw geleden was, vergeleken met tegenwoordig: zelfs veel sporters zagen roken indertijd als een onschuldige gewoonte.
Natuurlijk waren er toen al veel doktoren die de coureurs waarschuwden, dat sigaretten een schadelijke uitwerking op hun longen hadden. De meeste rokende wielrenners weigerden echter om dat te geloven. Als fanatieke kettingrokers zoals Gino Bartali en Maurice Garin konden uitgroeien tot legendarische coureurs, dan kon tabak toch onmogelijk heel erg slecht zijn voor je gezondheid?
Peuk opsteken
In de jaren ’50 was het doodnormaal dat wielrenners, nadat ze met de hele ploeg het avondmaal hadden genuttigd, nog even aan tafel bleven zitten om gezellig een peuk op te steken. Als één renner op dat moment aangaf dat hij geen behoefte had aan een sigaret, dan kon hij van z’n collega-renners en de ploegleider te horen krijgen, dat hij niet zo ongezellig moest doen: ‘Steek er toch ook één op, joh!’
Niet alleen over tabak, ook over alcohol had men in vroeger tijden in de wielerwereld een totaal andere opvatting dan tegenwoordig. Lang was men ervan overtuigd dat alcohol een zeer bruikbaar hulpmiddel tijdens de koers was; het gaf de renner immers een euforisch gevoel en verdoofde de pijn.
Over sommige coureurs uit de oertijd van de wegwielersport wordt verteld dat zij de gewoonte hadden om vlak voor de start van een grote wedstrijd nog snel een fles wijn leeg te drinken. Later gingen wielrenners op iets subtielere wijze gebruik maken van alcohol. Zo werd het een gewoonte van heel veel Franse renners, om tijdens de koers een bidon met cognac mee te nemen en daar onderweg regelmatig een slok van te nemen.
Negatief effect
Henri Pélissier, een topcoureur die veel baanbrekende experimenten uitvoerde op het gebied van voedingsleer en trainingsleer, was rond 1920 één van de weinige Franse toppers die geen druppel alcohol dronk. Hij had namelijk door dat dit roesmiddel bij sporters juist een negatief effect op de prestaties had.
Hoewel Pélissier uitgroeide tot de succesvolste Franse coureur van zijn generatie, werden zijn opvattingen geen gemeengoed. In de jaren ’30 werd alcohol nog steeds door veel wielrenners gebruikt tijdens wedstrijden. In die tijd was cognac gemengd met sterke koffie en suiker een populaire wielrennersdrank.
Heilzaam middel
Na de Tweede Wereldoorlog daalde het alcoholgebruik in het wielerpeloton zeer sterk. Toch waren er ook in latere jaren nog heel wat wielrenners te vinden die ervan overtuigd waren, dat alcohol een heilzaam middel was om tijdens wielerkoersen te gebruiken.
Beroemd is bijvoorbeeld de grote liefde die Freddy Maertens had voor champagne. In de jaren ’70 kreeg hij van zijn ploegleider, Lomme Driessens, tijdens de finale van de koers altijd een speciale bidon aangereikt. Daarin zat zijn geliefde bubbelwijn.
| © NUsport/Rob de Haan |
Stel je vraag over dit onderwerp |
- Priester of profwielrenner
- De dood van een campionissimo
- De val van het fenomeen
- Fietsende broers
- Wielrenner en handelaar
- De list van Peter Post
- Een monnik in de disco
- De SS'er won het NK
- Bendeleider en topwielrenner
- De Siamese Tweeling uit Holland
- De machtsovername
- Achter de grote motoren
- De snor en het mes
- Wedstrijd van zwalkende zombies
- Daar kon geen doping tegenop
- Zingende wielrenners
- Op zoek naar wonderdoping
- Buckler bracht redding
- De val van Zoetemelk
- Met hulp van Joséphine
- Kampioen van het najaar
- Ooit zou hij rijk zijn
- Gehaat en bewonderd
- Vlaams cultuurgoed
- Sigaren, nachtclubs en knoflook
- Een dreigbrief in de Vuelta
- Mysterieuze brouwsels
- ‘Tsjielp, ik ben een vogel!’
- Dankzij de koolbladeren
- Armstrong werd verliefd
- Van stuntelaar tot tourwinnaar
- Vergiftigd in de Tour?
- De aarzeling van Armstrong
- De nachtbraker van het petolon
- De zegebloemen van Kroon
- De zelfmoord van een kampioen
- Liever poen dan roem
- De demonstratie van Cancellara
- De engel en de piraat
- Tabak, alcohol en topsport
- Het grote lekke banden-festijn
- Dansen op de Monte Zoncolan
- Hij was te goed
- De fietsende verzetsheld
- Verslaafd aan de Formule 1
- De Amstel Gold Raas
- Dankzij dat vervloekte gat
- ‘Ik zal jullie doodrijden!’
- Forever young
- Kampioen der kampioenen
Maandag column
| Balgevoel | |
|
Maandag is voetbaldag bij NUsport. Columnist Menno Pot behandelt dan ook op de eerste werkdag van de week steevast hetzelfde onderwerp: Balgevoel. |