, Voor het laatste nieuws van elke sport

Van ninja tot toptrainer

Uitgegeven: 10 februari 2010 09:27
Laatst gewijzigd: 10 februari 2010 09:27

Als twaalfjarige was Gert-Jan Theunisse een grote fan van ninja's. Vol bewondering zag hij in films dat die Oosterse strijders na jaren training zozeer gehard waren, dat ze geen pijn meer voelden.

In al zijn kinderlijke naïviteit dacht hij: 'Als zulke trainingen werken voor ninja's, waarom zouden ze dan niet werken voor mijn sport, het wielrennen? Wanneer ik erin slaag om tijdens het fietsen geen pijn meer te voelen, ben ik de concurrenten een grote stap voor!'

Pijngrens

Theunisse deed als puber allerlei experimenten, waarmee hij zijn pijngrens probeerde te verleggen. Hij hield bijvoorbeeld regelmatig zo lang mogelijk een arm vlak boven een kaars, met als gevolg dat zijn armen vol brandblaren zaten.

Hij had ook enige tijd de gewoonte om 's avonds een kwartier lang met zijn vuisten tegen een muur te slaan. Aan het einde van zo'n sessie droop vaak het bloed van de muur af.

Ook maakte Theunisse een spijkerbed. Hij pakte een plank, sloeg daar spijkers doorheen en ging erop liggen. Het resultaat was dat zijn rug vol wonden zat.

Op den duur ging Gert-Jan Theunisse inzien dat hij nogal merkwaardig bezig was en stopte hij met deze vormen van zelfkastijding.

Onconventioneel

De eigenzinnige Theunisse had er in zijn jonge jaren duidelijk absurd veel voor over om een topwielrenner te worden. Ook in latere jaren bleef hij steeds zeer fanatiek zoeken naar onconventionele methodes om zichzelf als wielrenner te verbeteren.

Die latere experimenten waren vanzelfsprekend totaal niet meer zo naïef en absurd als zijn ninja-experimenten. Toch leverden zijn onorthodoxe ideeën hem tijdens zijn profcarrière nog vaak hoongelach op.

Babyvoeding

Zo ontdekte Theunisse dat er in babyvoeding veel voedingsstoffen zitten, die nuttig zijn voor sporters. Daarom besloot hij om voortaan dagelijks grote hoeveelheden Olvarit naar binnen te werken.

Toen men hier achter kwam in de wielerwereld, werd hij het middelpunt van spot. 'Drinkt Theunisse voortaan tijdens wedstrijden dan ook een babyflesje met warme melk, in plaats van een bidon met isostar?'

Hoongelach

Dat Gert-Jan Theunisse indertijd zo vaak hoongelach ontving, zei echter ook veel over het conservatisme dat rond 1990 heerste in de Nederlandse wielerwereld. In veel andere sporten was het indertijd bijvoorbeeld al zeer gewoon om veel hoogtestages af te werken.

Maar wanneer Theunisse dat deed, kreeg hij als kritiek: 'Waarom gaat die rare vogel nu alweer zo'n dure trainingsstage op grote hoogte afwerken? Die maffe einzelgänger vindt dat blijkbaar leuk om te doen, maar mij maak je niet wijs dat hij daardoor veel harder gaat fietsen.

Hij zou veel meer wedstrijden moeten rijden. Daar word je pas echt een betere coureur van. Dat was vroeger al zo, dus waarom zou dat nu niet nog steeds zo zijn?'

Goud

'Onderzoek alles, behoud het goede.' Die Bijbelse spreuk van de apostel Paulus zou het levensmotto van Gert-Jan Theunisse kunnen zijn. Voor hem was zijn wielercarrière een leerschool. Hij maakte zeer veel fouten, maar leerde ook veel van al die fouten.

Toen hij zijn wegwielercarrière had beëindigd, ging hij alle inzichten die hij had opgedaan, gebruiken om zijn toenmalige zwager Bart Brentjens te begeleiden in de aanloop naar de Olympische Spelen van Atlanta. Het resultaat was een gouden medaille.

Daarna werd hij de trainer van veel andere succesvolle mountainbikers. Talloze sporters huurden hem de afgelopen jaren in als kenner van hoogtestages. Sinds vorig jaar is hij ook mental coach van het ProTour-team Milram.

De vroegere Ninja-fan is uitgegroeid tot een wereldwijd befaamde expert op het gebied van trainingsleer.

© NUsport/Rob de Haan
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken Stel je vraag over dit onderwerp

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van Sanoma Digital Group The Netherlands B.V.