, Voor het laatste nieuws van elke sport

Extra afzien in de Tour

Uitgegeven: 3 juni 2009 09:56
Laatst gewijzigd: 4 juni 2009 16:54

Voor de meeste wielrenners is een ploegentijdrit een marteltocht om tegenop te zien. Voor veel ploegleiders is het juist een prestigieuze hoogdag om naar uit te kijken.

Wie in Nederland het woord ploegentijdrit noemt, is natuurlijk verplicht om in één adem de naam Peter Post te noemen.

Post zag de ploegentijdrit in de Tour als het ultieme podium om te bewijzen dat hij de sterkste ploeg ter wereld had. Dat lukte hem negenmaal met z'n TI Raleigh-ploeg en driemaal met de Panasonic-ploeg.

ONCE
Een andere ploegleider die stapelverliefd was op de ploegentijdrit, was Manolo Saiz. De Spanjaard wilde deze discipline tot wetenschap verheffen, door van tevoren uit te rekenen hoeveel meter elke renner op kop moest rijden. Onderweg schreeuwde hij deze aanwijzingen per megafoon naar zijn coureurs.

Toen ONCE in 2000 de ploegentijdrit in de Tour won, verklaarde Saiz trots dat dit kwam door de wetenschappelijke kwaliteit van zijn aanwijzingen. Een renner van ONCE beweerde later echter dat het succes eerder kwam door de kwantiteit, dan door de kwaliteit van die aanwijzingen.

Saiz blèrde zo ellendig veel aanwijzingen zo ellendig hard door zijn megafoon dat de renners automatisch zo hard mogelijk gingen fietsen. Alsof hun leven er van af hing. Op naar de finish! Om eindelijk van het geblèr van Saiz af te zijn.

Fetisj
Saiz had als ploegentijdrit-fetisjist overigens wel pech, dat zijn succesjaren als ploegleider voor een deel samenvielen met tijdperk 1996-1999, waarin er niet één ploegentijdrit in de Tour de France werd verreden. Post had meer geluk.

In zijn tijd waren er jaarlijks één of twee ploegentijdritten in de Tour. Toch stelde dat nog weinig voor, vergeleken met de situatie in de ware hoogtij-jaren van de ploegentijdrit: 1927 en 1928.

Toen werd de Tour verreden volgens een concept waar zelfs de grootste ploegentijdrit-fetisjisten onder de ploegleiders zoals Post, Saiz, Riis, Bruyneel en Vaughters niet van durven dromen.

Klassementsrenners
In de jaren voor 1927 waren vlakke Tour-etappes steeds meer gaan lijken op vlakke ritten zoals we die tegenwoordig kennen: het koersverloop werd gecontroleerd door een paar grote ploegen en de meeste renners konden anoniem meepeddelen in het peloton.

De klassementsrenners spaarden zich tijdens die vlakke etappes zoveel mogelijk voor de bergetappes.

Sadistisch
Dat paste totaal niet bij het sadistische gedachtegoed van de toenmalige Tourbaas, Henri Desgrange. Wie zijn wedstrijd wilde winnen, die moest elke dag alles geven. Die moest afzien. Die moest pijn lijden.

Op zoek naar een manier om de klassementsrenners extra te laten afzien, besloot hij dat in 1927 de vlakke etappes verreden zouden worden in de vorm van de zwaarste aller wielerdisciplines: de ploegentijdrit. Blijkbaar beviel deze opzet Desgrange: in 1928 bestond de Tour uit maarliefst zestien ploegentijdritten en zes bergetappes.

Oplage
Bij deze opzet had de sterke Alcyon-ploeg echter zoveel voordeel, dat de spanning in de Tour sterk afnam: De top drie van het eindklassement van de Tour van 1928 bestond uit ploeggenoten. Met als gevolg dat de publieke belangstelling daalde en de organiserende krant, L'Auto, minder werd verkocht.

Er was slechts één ding ter wereld dat Desgrange nòg erger vond dan het idee dat de winnaar van zijn Tour de France onderweg niet voldoende zou afzien: dat de oplage van zijn krant daalde. Vanaf 1929 was het absurd hoge aantal ploegentijdritten dan ook verleden tijd.

© NUsport/Rob de Haan
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009