, Voor het laatste nieuws van elke sport

Een sadistische hobby

Uitgegeven: 22 april 2009 10:04
Laatst gewijzigd: 22 april 2009 10:04

Eind jaren '80 raakte ik verslaafd aan het volgen van de wielersport. Als in die jaren de tv-uitzending van een grote koers begon, was de kans extreem groot dat Thomas Wegmüller in de aanval reed.

Veel renners van zijn generatie krijgen spontaan weer spierpijn wanneer ze de naam Wegmüller horen. Niemand kon urenlang zo hard over vlakke wegen fietsen als hij.

Terminator
Zijn onverstoorbare houding en het verwoestende effect dat zijn tempo had op renners die hem probeerden te volgen, leverden deze Zwitser de bijnaam The Terminator op.

Uiteindelijk bleek deze actieheld echter meestal een antiheld. Wegmüller slaagde er niet vaak in om zijn imponerende inspanningen om te zetten in een overwinning. The Terminator had een belabberde sprint, al net zo'n belabberd tactisch inzicht en was een magneet voor pech.

Zoals tijdens Parijs-Roubaix in 1988. Hij reed die dag 222 kilometer in de aanval. Oorspronkelijk met twaalf vluchtgenoten, waarvan uiteindelijk ééntje het beulswerk van Wegmüller kon overleven: Dirk Demol.

In de finale kreeg Wegmüller bezoek van het noodlot, in de vorm van een plastic zak. Die kwam vast te zitten in z'n versnelling, zodat The Terminator niet meer kon schakelen en Demol probleemloos naar de overwinning kon rijden.

Marathon-ontsnappingen
Typerend voor Wegmüllers carrière was ook de Ronde van Vlaanderen van 1992. Urenlang deed de ontketende Terminator veruit het grootste deel van het kopwerk in een viermans kopgroep. Het viertal bouwde maarliefst 22 minuten voorsprong op. De favorieten in het peloton konden de overwinning vergeten.

Op die dag lanceerde The Terminator letterlijk en figuurlijk zijn opvolger als Meester van de Marathon-ontsnappingen: in de finale slaagde alleen ene Jacky Durand er in om de Zwitserse beul te volgen.

Op de laatste helling bleek echter dat zelfs Wegmüllers benzinetank een bodem had. De nog onbekende Fransman reed weg van de uitgeputte Zwitser en won de Ronde van Vlaanderen.

Beulen
Durand had de smaak te pakken. In het decennium dat daarop volgde nam Durand de plek van Wegmüller in als vaste gast in kopgroepen van grote wedstrijden. Jacky Durand kon niet zo imponerend hard op kop beulen als Wegmüller. Hij reed echter duidelijk tactischer dan de Zwitser, met als gevolg dat hij zijn ontsnappingen vaker om kon zetten in een overwinning.

Het leek vaak alsof Wegmüller de einduitslag beslist niet het belangrijkste onderdeel van een wedstrijd vond. In interviews vertelde hij, wat volgens hem de ware essentie van sport was: Het opzoeken van de pijngrens; testen hoeveel een mens van z'n lichaam kan eisen.

Pas op z'n 22e reed Thomas Wegmüller voor het eerst een wielerwedstrijd. Toevallig bleek hij zo hard te kunnen fietsen dat het officieel z'n beroep werd.

Pijn
In de praktijk bleef hij wielrennen echter altijd als een hobby zien. Een sadistische hobby. Als hij in topvorm was, verklaarde The Terminator vaak lachend aan de start van de koers: 'Ik heb vandaag zin om iedereen verschrikkelijk veel pijn te doen!'

Wat mij betreft was niet Lemond, niet Indurain, niet Bugno, maar Wegmüller de hoofdrolspeler van de roadmovie getiteld: 'Het wielrennen rond 1990'. Dankzij z'n eeuwige aanvalslust was Thomas 'The Terminator' Wegmüller immers veel meer uren in beeld, dan alle andere toppers uit die tijd te samen.

© NUsport/Rob de Haan
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van de ilse media groep bv. 2009