Schaatsers versus bobo's
| Uitgegeven: | 20 februari 2010 10:56 |
| Laatst gewijzigd: | 20 februari 2010 10:55 |
Aan welke eisen moest men in vroeger tijden voldoen, als men een belangrijke positie bij de KNSB wilde vervullen? In het boek ‘Olympische Schaatshelden’ lijkt het, alsof de schaatsbond vooral functionarissen koos die uitblonken in ijdelheid en conservatieve denkbeelden. Verstand van topschaatsen was daarentegen beslist geen vereiste.
De grote schaatsbobo uit de jaren ’30 was Gerrit van Laer. Als bondsvoorzitter organiseerde hij jaarlijks een trainingskamp voor de Nederlandse topschaatsers.
Bij het kiezen van de locatie voor deze stage, hield hij geen rekening met de meningen van de sporters.
Topschaatser Siem Heiden wilde bijvoorbeeld graag naar het toenmalige schaatsmekka Noorwegen, omdat de Nederlanders qua schaatstechniek nog heel veel konden leren van de Noren.
Kuuroord
De voorzitter koos echter elk jaar weer voor het Zwitserse kuuroord Davos. Dit deed hij vooral omdat dit voor hemzelf een zeer praktische oplossing was: hij moest namelijk om zakelijke redenen sowieso jaarlijks die Zwitserse plaats bezoeken.
De schaatsers moesten ter plekke zelf maar uitzoeken wat ze op de schaatsbaan gingen doen.
De bond nam geen trainer mee op trainingskamp en Gerrit van Laer kon hen ook niets leren, want die had nog nooit op schaatsen gestaan. Toen Siem Heiden in de pers kritiek had op deze gang van zaken, luidde dat het einde van zijn schaatscarrière in.
Botsingen
In de jaren ’60 waren er zeer regelmatig botsingen tussen de schaatsdames en het KNSB-establishment.
De hoge heren vonden het maar niets, dat dames aan langebaanschaatsen deden. Dat was toch echt een mannending. Vrouwen moesten maar gaan kunstrijden.
Toen de dames van de nationale selectie vroegen of ze, net als de mannen, voor een groot toernooi op trainingskamp mochten, kregen ze van de KNSB te horen dat ze dat zelf moesten regelen en betalen.
Geld
In de jaren ’80 gingen de conflicten tussen de bond en de schaatsers vooral over geld.
Enerzijds eiste de bond dat de topschaatsers fulltime voor het schaatsen leefden, maar anderzijds zagen zij erop toe dat de sporters trouw de officiële amateurprincipes van de bond naleefden.
Privé-sponsors waren lange tijd verboden. Hilbert van der Duim leefde daardoor bijvoorbeeld jarenlang van een uitkering.
Het boek ‘Olympische Schaatshelden’ is samengesteld door Ad van Liempt en Jan Luitzen. Tot voor kort vormden zij de redactie van het sporthistorisch tijdschrift Achilles.
Hoog niveau
Zij besloten echter om dit tijdschrift op te heffen en in plaats daarvan voortaan tweemaal per jaar een boek uit te brengen over een sporthistorisch thema.
Veel verhalen in dit boek komen van auteurs die in het verleden al mooie bijdragen aan Achilles leverden, zoals Erik Brouwer, Wiep Idzenga, Ron Couwenhoven en Paul van Liempt. Het is dan ook geen verrassing dat de meeste verhalen in dit boek van een behoorlijk hoog niveau zijn.
Via zes portretten van schaatsers en zeven stukken over ‘races van de eeuw’, wordt in ‘Olympische Schaatshelden’ een fascinerend beeld gegeven van de Nederlandse schaatsgeschiedenis; van de wedstrijd die Siem Heiden in 1924 op de Kralingse Plas schaatste, op houten schaatsen, tot en met de gouden Olympische race van Gerard van Velde in 2002, op klapschaatsen.
Eén van de ‘races van de eeuw’ die in dit boek wordt besproken, is de Olympische 10 kilometer van Sapporo.
Loting gemanipuleerd
Volgens de recente biografie van Ard Schenk zouden Schenk en Leen Pfrommer indertijd de loting hebben gemanipuleerd, ten gunste van Kees Verkerk. In ‘Olympische Schaatshelden’ wordt echter ontmaskerd dat dit verhaal een sprookje is.
Daar staat tegenover dat in dit boek een ander sprookje juist als een feit wordt gepresenteerd.
Siem Heiden beweerde dat hij in de Tweede Wereldoorlog het leven van de Duitse Olympische held Alfred Schwarzmann zou hebben gered.
In ‘Olympische Schaatshelden’ wordt niet vermeld dat inmiddels uit onderzoek gebleken is, dat dit verhaal door Heiden uit z’n duim is gezogen.
Titel: Olympische Schaatshelden
Redactie: Ad van Liempt en Jan Luitzen
Pagina’s: 176
Uitgeverij: L.J. Veen
Bestel dit boek op Sportgeschiedenis.nl
| © NUsport/Rob de Haan |
Stel je vraag over dit onderwerp |
- 'Je moet je vooral niet ergeren'
- 'Dan gaan wij óók los'
- Het lichaam van een aubergine
- Zeven noteringen = 76,8 miljoen
- Voetbalbijbel
- KNVB gaat rustinterview Kuipers evalueren
- Verslaggever interviewt scheidsrechter in de rust
- 'Zeiken hoort een beetje bij ons vak'
- 'Fuck you bitches!'
- Nieuw satirisch voetbalprogramma Henk Spaan
- 'Het is altijd kermis'
- Masseren met een deegrol?
- 'Dat durven ze niet aan bij de NOS'
- De magie komt uit de koffers
- Een Hans Kraaytje
- Café De Melkkit, Oostmalle
- 'Het risico af te gaan is hoog'
- 'Hij werd een ruïne van zichzelf'
- 'Een salto werd journaalopening'
- 'Je hebt genoeg gehuild'
- Acht uur slaap in drie nachten
- En Zlatan versloeg Jaap Stam
- De tranen van Rafael
- Tweehonderd dollar fooi
- Joop
- 'Wie ben jij dan?'
- NOS behoudt rechten Champions League
- HP/De Tijd gaat passage in Hennie Cruijff-interview rectificeren
- Rothobby
- Snowboarder Rice trekt zich niets aan van kritiek
- 'Het seizoen van mijn leven'
- Helden in blote bast
- 'Ik was een lastig kreng'
- Pas bloemen als je dood bent
- Rot op, rooie gehaktbal
- Je hoeft me niet meer te bellen
- Na Merckx komt Fabian
- Holland Sport, maar dan anders
- Klassieker zorgt voor kijkcijferrecord Eredivisie Live
- 'Hij liet niemand in zijn ziel kijken'
- King James bezoekt King Kenny
- Finale honkballers live op tv
- Il Lombardia
- En Freire vergat zijn fiets
- Zenden analyticus bij Studio Sport
- Cruijff als cultureel erfgoed
- Weegt Koeman echt (maar) 81 kilo?
- Dikke pens
- Nadal zet zijn wekker voor Real
- Woordvoerder Salazar weg bij PSV
Mediacolumn
| 'Dan gaan wij óók los' | |
|
'In de achtertuin van Piet Paulusma staat een webcam. Via dat beeld kijken tienduizenden per dag naar bevroren water.' |
Deze week in het magazine:
| Editie 6 |
|
|
- ‘Ajax zo lek als een mandje’ |


