, Voor het laatste nieuws van elke sport

De nachtbraker van het petolon

Uitgegeven: 7 juli 2010 09:20
Laatst gewijzigd: 7 juli 2010 09:22

Het dagelijks leven van de modale profwielrenner bestaat, behalve uit veel uren fietsen, ook uit heel veel uren rusten. ‘De Tour wordt in bed gewonnen’, is het levensmotto van veel wielerprofs.

Een wijze wielerkenner zei dan ook ooit: ‘Op prostituees na, is er waarschijnlijk geen enkele beroepsgroep die dagelijks meer tijd in bed doorbrengt, dan profwielrenners.’

Toch is de wielerwet ‘Gij zult zeer veel rusten’ niet voor elke succesvolle wielrenner heilig. Jacques Anquetil hield ervan om zichzelf te presenteren als een geboren superkampioen, voor wie zulke suffe, saaie wielerwetten zoals ‘Gij zult zeer veel rusten’ totaal niet golden.

Nachtclub

’s Avonds en ’s nachts ging hij regelmatig leukere dingen doen dan slapen. Zo kon hij middenin het wielerseizoen om twee uur ’s nachts aangetroffen worden in een nachtclub, met een fles champagne voor zich en een sigaar in zijn mond.

Als een geschokte wielersupporter hem dan vroeg, of dat wel goed was voor een topsporter, dan reageerde Anquetil zeer laconiek. ‘Och, dat zullen we nog weleens zien…’ Meermaals won hij dan de volgende dag op grootse wijze een koers.

Imago

De aartsprovocateur Anquetil genoot er duidelijk van, dat hij het imago kreeg van ‘De Nachtbraker Van Het Wielerpeloton’. Meestal was hij wel zo slim om zulke nachtclubbezoeken en andere grote nachtelijke uitspattingen te doen wanneer hij relatief kleine wedstrijden moest rijden.

Toch bestaan er ook een paar anekdotes over uitspattingen van Anquetil tijdens de Tour de France. Zo zou hij in de Tour van 1964 tijdens een rustdag fanatiek mee hebben gedaan aan een wedstrijd ‘wie kan de meeste sangria drinken’. Die drinkwedstrijd had blijkbaar geen desastreuze invloed op zijn fysieke conditie: hij zou dat jaar ‘gewoon’ voor de vijfde keer het eindklassement van de Tour de France winnen.

Bridger

Jacques Anquetil was een fervente bridger. Er wordt verteld dat hij tijdens de Tour soms ’s avonds laat nog zat te kaarten, terwijl alle andere renners al een paar uur lagen te slapen. Dat weerhield Anquetil er dan niet van, om de volgende ochtend als één van de eerste renners uit de veren te zijn.

Dankzij zijn vermogen om met weinig rust toch hard te kunnen fietsen, kon Anquetil in 1965 iets presteren dat bijna onmogelijk leek. Hij won dat jaar achtereenvolgens de zware etappekoers Dauphiné Libéré en de indertijd hoog aangeschreven klassieker Bordeaux-Parijs. Dat was destijds de langste ééndaagse wedstrijd op de profkalender: deze klassieker was meer dan 550 kilometer lang.

Extreem tijdstip

Wat was er zo speciaal aan deze twee overwinningen van Anquetil? De laatste etappe van de Dauphiné finishte op de zaterdagmiddag. De start van de marathonklassieker Bordeaux-Parijs was enige uren later: om half twee ’s nachts!

Waarom vond de start van die klassieker op zo’n extreem tijdstip plaats? Bordeaux-Parijs was zo’n lange koers, dat men middenin de nacht moest starten, om op een ‘gewoon tijdstip’, namelijk op de zondagnamiddag, te kunnen finishen.

Er was dus zo weinig tijd tussen die twee wedstrijden, dat geen normaal mens het in zijn hoofd haalde om zowel de Dauphiné Libéré als Bordeaux-Parijs te willen rijden. Maar Anquetil was natuurlijk geen normaal mens...

Eeuwige rivaal

Tijdens de Dauphiné moest Anquetil dagenlang een heftige strijd leveren tegen zijn eeuwige rivaal Raymond Poulidor. Nadat Anquetil gehuldigd was als winnaar van het eindklassement van de Dauphiné, moest hij ’s avonds een reis van vele uren maken naar Bordeaux. Daar aangekomen kon hij nog zeer kort een dutje doen.

Vervolgens moest hij het tijdens Bordeaux-Parijs opnemen tegen frisse toprenners die zich speciaal op die marathonkoers hadden voorbereid. Die waren echter niet in staat om te voorkomen dat Anquetil op zondagmiddag in het Parc des Princes arriveerde als winnaar van Bordeaux-Parijs.

Hoe kon Anquetil zulke prestaties leveren? Voor een groot deel kwam dat door zijn fysieke aanleg. Hij was misschien wel de meest getalenteerde hardrijder aller tijden. Zelfs met veel minder rust en minder training, was hij nog steeds beter dan de meeste gewone stervelingen.

Amfetamines

Er is echter ook een andere zeer belangrijke reden, waarom Anquetil zo goed zonder veel slaap kon presteren: Anquetil heeft meermaals verteld dat hij tijdens zijn carrière veelvuldig amfetamines slikte.

Het was dan ook niet erg verbazingwekkend dat eind jaren ’60, toen de dopingcontroles werden ingevoerd in de wielersport, Jacques Anquetil één van de meest prominente tegenstanders hiervan was.

© NUsport/Rob de Haan
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken Stel je vraag over dit onderwerp

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van Sanoma Digital Group The Netherlands B.V.