, Voor het laatste nieuws van elke sport

Verlangen naar armoe (2)

Uitgegeven: 1 maart 2010 09:14
Laatst gewijzigd: 1 maart 2010 09:14

Om beurten verdedigen Feyenoorder Jurryt van de Vooren en Ajacied Menno Pot de eer van hun club in de columntwist ‘De Klassieker’. Jurryt is de enige Nederlander die ooit afstudeerde op Feyenoord. Menno schreef de eerste Nederlandse roman (Vak 127) met fanatieke Ajax-supporters in de hoofdrol.

Beste Jurryt,

Wanneer ik een lijstje opstel van zaken die de voorbije tien jaar het vaakst mijn plezier in voetbal (en Ajax in het bijzonder) hebben vergald, staat het eeuwige geleuter over geld ruimschoots boven hooliganisme en kwetsende spreekkoren. Leuteren over het verdampen en wegvloeien van geld is daarentegen wél leuk, dus daar gaat ‘ie weer (inhakend op jouw betoog van vorige week waarin ik me goed kon vinden).

Ik schreef het je twee weken geleden al: van mij mag Ajax de financiële wedloop staken en teruggaan naar de basis, omdat ik denk dat Ajax daar gezelliger én beter van wordt. Ajax is van oudsher op zijn best wanneer het de financiële toestand gedwongen wordt slim en anders te zijn dan de rest.

Oorlog voeren

Als een kleine club probeert de grote jongens bij te benen (en dat is wat Ajax sinds 1998 gedaan heeft), voert die club de oorlog feitelijk met de wapens die ook door de grote clubs worden gebruikt. Dat is een heilloze weg. Zo veel mogelijk geld genereren, om vervolgens allemaal dezelfde wapens aan te schaffen en met dezelfde tactiek ten strijde te trekken, is uiteindelijk alleen een successtrategie voor de allerrijkste.

Clubs die het altijd met minder zullen moeten rooien, moeten ándere (goedkopere!) wapens kopen en een slimme guerrilla-tactiek verzinnen. Helaas verliezen kleine clubs die een tijd de illusie mogen koesteren dat ze tamelijk rijk zijn, gaandeweg hun instinct op dat vlak. Ze worden lui. Ziedaar, in een notendop, de tragiek van Ajax.

Maar het einde is in zicht: Ajax is weer een kleine club aan het worden en ik ben daar (alles bij elkaar) niet rouwig om.

Sponsors

De gulste sponsors die Ajax heeft (Aegon en Adidas) zullen de lopende verbintenissen met Ajax beslist niet op dezelfde voorwaarden verlengen. Dat zouden ze niet eens kúnnen (na de crisis zullen ook zij stevig moeten bezuinigen) en evenmin willen: het kan niet anders of Aegon en Adidas zijn ernstig teleurgesteld in wat Ajax ze gebracht heeft. Van Aegon kan ik het alleen vermoeden; van Adidas weet ik het for fact, persoonlijk, van een vriend die daar tamelijk hoog in de organisatie zit.

De inkomsten uit sponsoring op peil houden, zal onmogelijk zijn voor een club die nooit iets wint en zelden in de Champions League speelt.

Succesvol voetballen

Nu kun je ook geld verdienen door succesvol te zijn met voetballen (winstpremies, tv-rechten), maar dat wordt steeds lastiger in dit tijdsgewricht. Deze week maakte Ajax bekend dat het avontuur in de Europa League de club een klein verlies heeft opgeleverd.

Ajax speelde tien Europa League-duels, waarvan vier tamelijk prestigieuze (twee tegen Anderlecht, twee tegen Juventus). De tien duels werden allemaal op tv uitgezonden. Dat levert dus een bedrag op met een minnetje ervoor. Geld verdienen kan, met andere woorden, alleen nog in de Champions League, het toernooi waarin Ajax in maart 2006 voor het laatst een wedstrijd speelde.

Het ziet er financieel allemaal niet zo heel goed uit, dat moge duidelijk zijn, en ik denk dat dat Ajax’ redding gaat worden. Ik begin er steeds meer van overtuigd te raken.

Spelerssalarissen

Neem de spelerssalarissen. Ajax betaalt spelers veel, maar niet zo veel als in de grote competities gebruikelijk is. Gewilde voetballers willen naar Engeland of Spanje, maar als dat niet lukt, is Ajax een redelijk alternatief voor een paar jaar. Met spelers die vanuit die gedachte naar Ajax komen (de net-niet toppers), win je de strijd niet.

Ik zie dan liever een speler komen die 25% minder talent heeft, maar het fantastisch vindt dat hij voor Ajax mag spelen. Geen Luque, maar Wamberto. Die verdiende vermoedelijk zes keer minder, maar deed zes keer meer. En we hielden zestig keer zo veel van ‘m.

Boodschap

De boodschap van Ajax aan aspirant-werknemers, vrij naar voorzitter Jan Smit van Heracles: “Als je naar Ajax komt, speel je bij een club van naam en bieden we je topfaciliteiten, topbegeleiding, goede trainers, een shirt dat iedereen kent en een prestigieus stadion waar zelfs in slechte tijden 40.000 mensen zitten. En daar krijg je een redelijk salaris bij. Als dat laatste je te min is, dan kom je maar niet.”

Luque was dan niet gekomen. Maar Litmanen en Chivu wel.

Dat bedoel ik dus. Alles komt goed.

Mazzel!

Menno

© NUsport/Menno Pot
Reageren? Ga naar NUjij.nl Mail/tip de redactie
Foto bij dit bericht? Stuur hem op! Zoek nieuws over dit onderwerp
Afdrukken Stel je vraag over dit onderwerp

nusport.nl is onderdeel van het netwerk van Sanoma Digital Group The Netherlands B.V.